Geschreven door

Coördinator cursussen
Leestijd:
Datum:
Je hebt een studie op het oog en je leest bij de toelatingseisen een letter die je niet verwachtte. Wiskunde B, terwijl jij wiskunde A hebt.
Waar hangt het vanaf?
Universiteiten en hogescholen stellen hun eisen per opleiding vast, niet per vakgebied. Twee studies die op elkaar lijken, vragen dus soms een ander vak.
De hoofdlijn is wel duidelijk. Studies waarin je met data en modellen werkt, vragen meestal wiskunde A. Studies waarin je zelf functies afleidt en formules omvormt, vragen wiskunde B.
Die lijn helpt je bij het oriënteren. De eis van jouw opleiding blijft leidend, en die controleer je altijd op de site van de instelling.
Wat is het verschil tussen A en B ook alweer?
Kort gezegd is wiskunde A gericht op statistiek, kansrekening en het rekenen in een context. Wiskunde B legt de nadruk op analyse, meetkunde en algebraïsch bewijzen.
Wil je dat verschil eerst goed begrijpen, lees dan het verschil tussen wiskunde A en B. Dat artikel gaat over de vakken zelf, dit artikel gaat over de eisen per studie.
Voor welke studies volstaat wiskunde A meestal?
De sociale wetenschappen zitten in deze groep. Denk aan psychologie, pedagogiek, sociologie en communicatiewetenschap. Daar draait het om onderzoek, steekproeven en het interpreteren van resultaten.
Ook de meeste economische en bedrijfskundige richtingen vragen wiskunde A. Bedrijfskunde, bedrijfseconomie, marketing en international business horen daarbij.
Datzelfde geldt voor rechten, bestuurskunde en veel opleidingen in de gezondheidszorg buiten de bètahoek. Statistiek speelt daar een rol, zware analyse niet.
Hoe zit dit dan bij geneeskunde en tandheelkunde?
Deze vraag komt bij WisMon het vaakst binnen.
Geneeskunde, tandheelkunde en biomedische wetenschappen leunen zwaar op natuurkunde, scheikunde en biologie. Voor wiskunde accepteren de meeste faculteiten zowel A als B.
Toch verschilt dat per universiteit en per jaar. Controleer de eis dus altijd bij de opleiding zelf. Mis je een ander profielvak, dan lees je in een deficiëntie bij toelating tot geneeskunde en in de toelatingseisen voor geneeskunde hoe je dat oplost.
Wanneer heb je wiskunde B echt nodig?
Bij de technische en exacte richtingen. Werktuigbouwkunde, elektrotechniek, bouwkunde, technische natuurkunde en luchtvaarttechniek vragen wiskunde B.
Datzelfde geldt voor de bètastudies zelf: wiskunde, natuurkunde, sterrenkunde, scheikunde en informatica. Ook econometrie en actuariële wetenschappen staan in dit rijtje, ondanks hun economische naam.
Kunstmatige intelligentie en data science vragen tegenwoordig meestal ook wiskunde B. Die opleidingen zijn de afgelopen jaren wiskundiger geworden.
Waarom kiest een opleiding voor wiskunde B?
Omdat je in die studies vanaf het eerste jaar zelf afleidt en bewijst. Je werkt met limieten, integralen en meetkundige redeneringen, en dat bouwt direct voort op wat wiskunde B je aanleert.
Wiskunde A bereidt daar minder op voor. Dat is geen kwestie van niveau, maar van inhoud. Welke stof onder wiskunde A valt, lees je bij de leerstof van het CCVX wiskunde A.
Je mist het gevraagde vak. Wat nu?
Dan heb je een deficiëntie, en die vul je aan met een apart examen. Je diploma blijft gewoon geldig.
Vraagt je opleiding wiskunde A en heb je dat niet? Dan is het voortentamen wiskunde A van de CCVX meestal de snelste route. Je kunt drie keer per jaar tentamen afleggen en met een voldoende krijg je een testimonium.
Vraagt je opleiding wiskunde B? Dan doe je hetzelfde traject voor dat vak. De twee tentamens vallen in dezelfde ronde, telkens een dag na elkaar.
Kun je van A naar B overstappen?
Dat kan. Houd er wel rekening mee dat de stap groot is: de vwo-studielast van wiskunde B ligt op 600 uur, tegenover 520 uur voor wiskunde A.
Twijfel je nog over je studierichting, kijk dan eerst welke vakken onder de bètahoek vallen in wat zijn bètavakken. Weet je het al zeker, dan start je met de cursus wiskunde A vwo, die aansluit op de tentamendata van de CCVX.
Zo controleer je de eis van jouw opleiding
Zoek de opleiding op de site van de instelling en klik door naar de pagina met toelatingseisen. Let daarbij op het jaartal, want eisen veranderen soms.
Twijfel je over de tekst? Neem contact op met de studieadviseur of het studiepunt. Zo weet je zeker welk vak je nodig hebt.
Vraag daar meteen of zij een testimonium van de CCVX accepteren. Alle Nederlandse universiteiten doen dat, en de meeste hogescholen ook, maar zo weet je het zeker.
Het cursusteam van WisMon denkt graag met je mee als je twijfelt tussen wiskunde A en B.
Veelgestelde vragen
Meestal niet. De meeste faculteiten accepteren zowel wiskunde A als B. Controleer de eis wel bij de opleiding zelf, want die verschilt per universiteit.
Voor de meeste sociale wetenschappen, economische en bedrijfskundige richtingen, rechten en veel zorgopleidingen.
Voor technische en exacte studies, en daarnaast voor econometrie, data science en meestal ook kunstmatige intelligentie.
Ja. Je legt dan het voortentamen wiskunde B af of haalt een deelcertificaat. Reken wel op meer studietijd dan bij wiskunde A.
Ja. Een ontbrekend profielvak heet een deficiëntie en die vul je aan met een los examen. Je diploma verandert niet.
Over de auteur
Suzanne is coördinator cursussen bij WisMon en het vaste aanspreekpunt voor cursisten. Ze geeft regelmatig voorlichtingen over onze cursussen en beantwoordt dagelijks vragen van studenten en ouders.
Zo weet ze precies waar je tegenaan loopt en wat je nodig hebt om goed voorbereid te starten.

